In de naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle
Liefde voor iedereen, haat voor niemand

dinsdag, november 29, 2022

بِسْــــــــــــــــــمِ اﷲِالرَّحْمَنِ اارَّحِيم
In naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle
Liefde voor iedereen, haat voor niemand

Home Blog Pagina 7

Herzien van interpretaties en niet de teksten van Islam

0

Herzien van interpretaties en niet de teksten van Islam

In het artikel, ‘de Islam zal nu echt moeten hervormen’ in de Trouw op 7 april 2017 beweert Dennis Honing ten ontrechte dat aanslagen te maken hebben met de teksten van de Islam.

We hebben de Koran meermalen doorgespit, objectief en in de context, en we hebben niets kunnen vinden waaruit blijkt dat IS handelingen op de Islam zijn gebaseerd.

Hoe kan men de ware leerstellingen van de Islam ontdekken zonder een objectief onderzoek te doen in de Koran en het leven van de Profeet? We moeten ons niet baseren op interpretaties of acties van sommige extreme moslims of sommige moslimlanden die de leerstellingen van de Heilige Koran niet toepassen.

Ook in fiqh is er sprake van meerderheid en minderheidsopinies, van historische- en contextafhankelijkheid, het is bovendien niet bindend of rechtsgeldig.

Een belangrijk probleem bij de bespreking van het begrip sharia is dat de islamitische wereld geen eenstemmig leergezag kent, waardoor er vele, soms sterk uiteenlopende versies van het begrip sharia bestaan. Interpretaties en toepassingen van de sharia zijn veranderd in de tijd en blijven vandaag de dag veranderen. Interpretaties zijn foutgevoelig en afhankelijk van het menselijk begrip geweest. Extremisten kunnen er ook misbruik van maken om geweld te promoten.

De aantijging dat Ka’b bin Ashraf gedood was omdat hij een islamkritische dichter was, is onjuist. Het is goed gedocumenteerd dat Ka’b bin Ashraf schuldig was van een overtreding van het verdrag dat hij zelf had ondertekend, het aanzetten tot oorlog, opruiing, het gebruik van grof taalgebruik en samenzwering van moord. Saoedi-Arabië vertegenwoordigd de Islam niet, dat doen de Koran en de Profeet, slavernij werd juist door de Islam 1400 jaar geleden afgeschaft. Islam is een voorstander van de scheiding tussen kerk en staat, het erkent dat rechtvaardigheid en niet religie de beslissende factor zijn bij het besturen van een samenleving (4:59). Islam onderwijst dat ieder mens het recht heeft op een vrije meningsuiting en religieuze vrijheid, doodstraf voor afvalligheid wordt verworpen (2:257).

Vrouwenbesnijdenis komt niet voor in de Koran, noch in de auhtentieke overleveringen van de Profeet.

Al deze zaken worden juist veroordeeld omdat de teksten het veroordelen. Het zijn de interpretaties van extremistische Imams die herzien en hervormd moeten worden. En daarvoor is het belangrijk om vrijdagpreken in moskeeën te monitoren en jongeren op school een eed van loyaliteit te doen afleggen voor het land.

 

Islamitische echtscheiding: man en vrouw gelijke rechten

0

Islamitische echtscheiding: man en vrouw gelijke rechten

In het NRC Handelsblad verschenen er twee opinieartikelen op dinsdag 9 februari 2017 over echtscheiding in de Islam door Shirin Musa, directeur van Femmes for Freedom, Defending Girls and Women’s Rights, en Dirk Vlasblom.

Shirin betoogt dat moslimmeisjes en -vrouwen nog te vaak te kampen hebben met een patriarchaal systeem, waarbij zij binnen de gemeenschap maar ook binnen de islam zelf minder rechten hebben dan de man. Ook vrijwillige gesloten huwelijken kunnen in een onmenselijke huwelijkse gevangenschap ontaarden, wanneer de man weigert te scheiden. In 2010 heeft een Nederlandse rechter het een onrechtmatige daad verklaard dat haar man weigerde religieus van haar te scheiden.

Dirk Vlasblom meent op zijn beurt dat de man en vrouw in het islamitische familierecht niet dezelfde status hebben. Zo kan volgens hem een islamitisch huwelijk eenzijdig worden beëindigd door de man, maar niet door de vrouw. Als de man driemaal de Arabische formule talaq (‘ik verstoot u’) uitspreekt, is het huwelijk volgens het islamitisch recht ontbonden. Een vrouw kan alleen scheiden van haar man met instemming van een islamitische rechtsgeleerde. Het komt regelmatig voor dat een moslimvrouw wier echtscheiding is uitgesproken door een burgerlijke rechter vervolgens stuit op weigering van haar echtgenoot om ook volgens islamitisch recht te scheiden. Dat kan erkenning van de scheiding door familie, de gemeenschap en het land van herkomst in de weg staan en grote sociale problemen opleveren.

De Islam

Belangrijk is dat we het hier hebben over religie, een religie wordt vertegenwoordigd door religieuze geschriften en door de profeet zelf. Om de ware leerstellingen van de Islam te ontdekken, dienen wij zelf de Heilige Koran te bestuderen en het leven van de Heilige Profeet Mohammed (vrede zij met hem) en ons niet te baseren op de acties van sommige extreme moslims of sommige moslimlanden die de leerstellingen van de Heilige Koran hebben vergeten.

In vergelijking met andere religies geeft de Islam zowel de man als vrouw het recht op echtscheiding. De islam staat echtscheiding toe, maar volgens de Hadith, is het een van de meest onaangenaam daden in de ogen van Allah (Abu Dawud). In feite is de echtscheidingsprocedure zo ontworpen om elke kans voor verzoening mogelijk te maken. Volgens de islamitische wet, moet de echtscheiding driemaal worden uitgesproken, maar wel met een tussentijd van een maand tussen elke uitspraak. Gedurende deze tijd wordt verzoening aangemoedigd. Als de echtscheiding definitief wordt, wordt de man opgedragen om te scheiden van zijn vrouw in vriendelijkheid (Ihsan en ma’roof). De man moet dus aan allerlei voorwaarden voldoen en er gaat een hele periode overheen omdat hij kostwinner is. Ook is hij financieel verantwoordelijk voor zijn kinderen totdat ze volwassen worden, en tevens is hij verantwoordelijk voor zijn vrouw voor een periode van drie maanden na de scheiding (iddat). De vrouw daarentegen hoeft slechts een echtscheiding aan te vragen. In de Hadith, uitspraken van de heilige Profeet Mohammed (vrede zij met hem) is het goed gedocumenteerd dat verschillende vrouwen naar de heilige Profeet (vrede zij met hem) kwamen om een echtscheiding aan te vragen van hun man. Hij weigerde niet, de vrouw was dan in principe al meteen formeel gescheiden en kon haar eigen leven leiden.

Sommige aanvaardbare redenen voor een echtscheiding in de islam zijn:

1. Overspel, maar vier ooggetuigen zijn hiervoor vereist als de beschuldigde het ontkent.

2. Als de man weigert om de familie economisch te onderhouden.

3. Als de man drie maanden weigert een echtelijke relatie te hebben met zijn vrouw terwijl hij met haar getrouwd is.

4. Als er sprake is van fysiek of seksueel misbruik van de partner of kinderen.

5. Onverenigbaarheid van echtgenoten in een dergelijke mate dat de verschillen niet kunnen worden overbrugd en verzoening niet mogelijk is.

Echtscheiding kan ondernomen worden door een man of vrouw. Als de man echtscheiding wil, wordt het talaq genoemd, en mag hij geen cadeaus terugvragen die hij eerder aan zijn vrouw had gegeven. Als de vrouw wil scheiden, dan heet het khulla, dan kan ze haar bruidsschat teruggeven. Zowel gescheiden mannen en vrouwen mogen hertrouwen.

 

Interview Hirsch Ballin “Tegen de Stroom”

0

Interview Hirsch Ballin “Tegen de Stroom”

Voormalig minister van Justitie, Ernst Hirsch Ballin, laat in zijn nieuwe boek ‘Tegen de Stroom’ aan de hand van strijdbare namen uit de geschiedenis zien wat politieke moed is. Het is een wake- up call met als doel ons bewust te maken van onze onachtzaamheid of onwil om onrecht en kwaad onder ogen te zien. In het Tv-programma van NPO ‘De Nieuwe Wereld’[1] op zondag 29 mei 2016 sprak Colet van der Ven in een interview met hem over moreel leiderschap, het belang van mensen die tegen de stroom in durven gaan en zijn kijk op het publieke debat in Nederland. Vragen die de revue passeerden waren onder andere: Is verharding noodzakelijk voor een eerlijk debat of is het een teken van verval? Kan er sprake zijn van een wij wanneer de politiek leiders het verschil als leidraad nemen zonder te verbinden? Hirsch Ballin sprak zich uit tegen de verheerlijking van een monoculturele samenleving, waarin nieuwkomers als de vreemde ander worden weggezet.

Hij ging de politiek in, in de jaren ‘90 vlak na de val van de Berlijnse muur. Hij zegt dat men toen in een nieuwe periode terecht kwam: men begon gewenning te krijgen van de vrijheid en het als iets vanzelfsprekends te zien. Hij kreeg een kort fragment te zien van Kamerlid Kuzu van de Partij DENK die in de Tweede Kamer op een uitspraak reageerde van Geert Wilders rondom zijn vermeende uitspraak over een mogelijk verbod op de Islam in Nederland. Een dergelijk verbod zou alle moslims treffen. Hirsch Ballin vindt dat collectiviteit en inclusiviteit belangrijk zijn; dat men niet iedereen over één kam moet scheren.

Hij zei verder dat men het vaak heeft over “criminele Marokkanen” en terroristische bewegingen die zich op de “Islam” beroepen. Hij vindt het generaliseren geen goede ontwikkeling in de maatschappij. Hij vindt echter wel dat bewegingen zoals Daesh (IS) bestreden en aangepakt moeten worden. Hij zegt dat kritiekloos alles aannemen wat men hoort niet juist is. Er zijn namelijk ook goede moslims die religiositeit en medemenselijkheid belangrijk vinden.

Onderscheid kan worden gemaakt op grond van wat een Moslim doet of niet doet, maar niet op grond van collectiviteit waarin ze worden ondergebracht. Dus het over één kam scheren van mensen op basis van de Islam is onrechtvaardig en dat was het waarschuwingsteken dat Hirsch Ballin vermeldt in zijn boek ‘Tegen de Stroom’. Hier ga ik later in dit artikel op in.

Hirsch Ballin vertelt verder dat men in de jaren die aan 2010 voorafgingen geleidelijk onachtzaam werd en er een beweging groeide die zich keerde tegen de Islam en daarmee aan een hele bevolkingsgroep. Het gevoel ontstond dat moslims minder welkom zijn. Men zegt vaak: “Ja, er zijn toch problemen met Marokkaanse criminelen en er zijn toch terroristische bewegingen”. Die zijn er zeker en die moeten aangepakt worden. Tegelijkertijd dienen we altijd voor de geest te houden dat we respect tegenover onze medemensen moeten hebben. Sommigen nemen kritiekloos stigma’s over zoals ‘de Islam’, hierbij moet u zich afvragen wat dit betekent als u dit overneemt terwijl er zoveel Moslims zijn die medemenselijk zijn. Het is een sluipend gedachtegoed dat zich maatschappelijk manifesteert. De oplossing is het besef dat ieder mens respect verdient. Een crimineel en terrorist verdient het natuurlijk aan de andere kant om aangepakt te worden. Dat is evident.

Hirsch Ballin zei verder dat de maatschappij los kan komen van vooroordelen en aannames. Hij gelooft in vertrouwen en hoop. Helaas komt de betekenis van emoties in de interne politiek te weinig ter sprake. Als emoties de overhand krijgen, en dat gebeurt vaak, dan zullen de emoties onze reacties beïnvloeden en bepalen. Hij baseert zich op uitlatingen van de Franse politicoloog en schrijver Dominique Moïsi. Die schreef over de betekenis van emoties in de internationale politiek. Hij is van mening dat het continent Azië leeft in een emotie van hoop en het Midden-Oosten in een emotie van vernedering en Europa in een emotie van angst. Hij noemt deze emoties de dominante kleur, uiteraard niet de enige emoties maar wel die de overhand hebben. Hirsch Ballin is het met deze stelling eens. Het is van belang dat hier rekening mee wordt gehouden in internationale betrekkingen.

Wij zijn in Europa in een cirkel van angst terechtgekomen omdat er in grote Europese steden aanslagen zijn gepleegd. Ik zet daartegenover hoop maar hoop komt niet vanzelf. Hoop is vertrouwen hebben dat het recht aan de orde komt. We moeten ons het vertrouwen niet laten afnemen als gezaghebbers. Echter is recht niet alles, tenzij het gedragen wordt door medemenselijkheid, gevoelens en compassie. “Ik heb als jurist lang gedacht dat recht alles was, maar dat is niet zo. Ook hoop en vertrouwen zijn nodig”, aldus Hirsch Ballin. We moeten geen afbreuk doen aan het vertrouwen dat alleen maar hoop kan geven. De kracht van het recht is als het zich verbindt met solidariteit, compassie en medemenselijkheid. Dat hoop ik een beetje te kunnen voeden door wat er gebeurt zegt hij. We moeten hoop geven aan vluchtelingen die hier komen en niet meedoen aan vooroordelen jegens mensen wegens hun afkomst of religie.

Kortom pleit hij, de heer Hirsch Ballin, er dus voor dat we niet door kritiekloos te zijn zwichten voor de angsten die ons worden aangejaagd. Hij vat het samen in de volgende woorden: “De mate waarin angst een motief is geworden en politici angst kapitaliseren maken deze tijden benard”. In deze context doelt hij op politieke bewegingen zoals de PVV en soortgelijke ultra rechtse partijen in bijvoorbeeld Duitsland en Frankrijk.

Hirsch Ballin beweert daarnaast dat we ons bewust moeten zijn dat alle religies, helaas ook het Christendom en het Jodendom en ook de Islam hun fundamentalistische varianten hebben ontwikkeld. Die fundamentalistische varianten hebben anderen bestreden of tot slaaf gemaakt of hebben gruwelijkheden begaan. Hij zegt: “We moeten dankbaar zijn dat dit gezicht van het Christendom en het Jodendom en de mainstream nu anders is. Maar dat geldt ook voor de Islam. De geleerden in de Islam, die hebben veroordeeld dat iemand zich Kalief durft te noemen. En hebben daarover gezegd dat het een ketterij is naar moslim opvattingen”.

Hier begaat Hirsch Ballin wellicht onbedoeld een vergissing. Er zijn een drietal aspecten die hij niet bij het juiste eind heeft. Te weten:

  1. Dat de Islam historisch gezien fundamentalistische varianten heeft ontwikkeld. Dit heeft een deel van de conservatieve orthodoxe moslims gedaan en niet de Islam. Men wil het verschil vaak niet inzien. Terroristen maken misbruik van de Koran door, Koranteksten uit de context te halen en door misinterpretatie, om zo onwetende mensen te hersenspoelen en om hen vervolgens te rekruteren om geopolitieke doeleinden te behalen in het Midden-Oosten. De Islam als godsdienst veroordeelt alle vormen van extremisme. Extremisme heeft geen basis in de Koran, noch in de Sunnah, noch in de Hadith. Extremisten hebben door machtslust en gebrek aan geestelijke inzicht de Koran bewust verkeerd geïnterpreteerd om er politieke doelen mee te behalen. Er wordt vaak onterecht in het maatschappelijk debat beweerd dat de islamitische geschriften de basis vormen van extremisme. Dit ten zeerste onjuist!
  2. Extremisten noemt hij fundamentalisten, terwijl letterlijk gezien een fundamentalist iemand is die de fundamenten van de Islam praktiseert. Een fundamentalist is dus geen extremist.
  3. Hij beweert tevens dat Moslimgeleerden iemand die zich Kalief durft te noemen veroordelen. Dat is waar, alleen wekt dit de suggestie dat het Kalifaat iets negatiefs is. Misschien had Hirsch Ballin er bij kunnen vertellen dat het hier om een politiek en zelfgemaakt Kalifaat gaat. Wellicht is hij niet op de hoogte van het rechtgeleide spirituele Kalifaat, dat zich uitstrekte over een periode van 30 jaar, in de beginjaren van de Islam alom geprezen wordt. Het was een leiderschap dat volgens de principe van rechtvaardigheid handelde. Het bracht het goede in de mens naar voren en vrijheid voor allen, ongeacht of men wel of niet gelooft en ongeacht welke geloof men aanhing. Dit geestelijke leiderschap leefde volgens het regeermodel waarnaar de Heilige Profeet Mohammad (vrede zij met hem) handelde in Medina. Uit studie en observatie blijkt dat dit spirituele Kalifaat hersteld is door de Ahmadiyya Moslim Djamaat en bestaat al 108 jaar. Haar motto is: ‘Liefde voor iedereen, haat voor niemand’[2]. De huidige en Vijfde Kalief, Hazrat Mirza Masroor Ahmad, het internationale Hoofd van de Ahmadiyya Moslim Djamaat, is de leidende moslim figuur in het bevorderen van vrede en interreligieuze harmonie in de wereld. Door middel van zijn preken, lezingen, boeken en persoonlijke ontmoetingen heeft hij voortdurend gepleit voor de aanbidding van de Almachtige God en het dienen van de mensheid. Hij heeft ook voortdurend gepleit voor het vestigen van de universele rechten van de mens, een rechtvaardige samenleving en scheiding tussen religie en staat. Sinds zijn verkiezing als Kalief, leidde hij een wereldwijde campagne om de vreedzame boodschap van de Islam over te brengen. In 2004 lanceerde hij de jaarlijkse Nationale Vredessymposium waar gasten uit alle hoeken van de samenleving bij elkaar komen om ideeën uit te wisselen over het bevorderen van vrede en harmonie. Elk jaar trekt het symposium veel dienstdoende ministers, parlementariërs, politici, religieuze leiders en andere hoogwaardigheidsbekleders. In 2009 lanceerde Zijne Heiligheid ook de jaarlijkse ‘Ahmadiyya Moslimprijs voor de Bevordering van de Vrede’; een internationale vredesprijs voor personen of organisaties die een buitengewone toewijding en dienstbaarheid aan de zaak van de vrede en liefdadigheid hebben aangetoond.

Youssef Ikhlaf

Voor meer informatie, zie:

www.islamnu.nl

www.moslimsvoorvrede.nl

www.alislam.org

www.khalifaofislam.com

  1. http://www.npo.nl/de-nieuwe-wereld/29-05-2016/VPWON_1257305
  2. http://www.loveforallhatredfornone.org/

 

Ahmadiyya Moslim Schrijversgilde veroordeelt aanslag in Ankara

0

– Ahmadiyya Moslim Schrijversgilde –

Ahmadiyya Moslim Schrijversgilde veroordeelt aanslag in Ankara

Het Ahmadiyya Moslim Schrijversgilde van Nederland veroordeelt stellig de aanslag van gisteren in Ankara, waar gemeld wordt dat er tenminste 34 mensen omgekomen zijn en 125 mensen in het ziekenhuis liggen. De explosie deed zich voor in de buurt van het Güvenpark, dat weer dichtbij een groot knooppunt voor het openbaar vervoer ligt. Het is de derde aanslag in vijf maanden tijd. Bij een eerdere aanslag met een autobom kwamen 29 mensen om het leven. We willen graag onze innige deelneming en medeleven betuigen aan alle nabestaanden. Onze gedachten en gebeden gaan uit naar de slachtoffers, hun families, de inwoners van Ankara en allen die door deze wrede en schokkende aanslag zijn getroffen.

Door wie de aanslag is gepleegd is nog niet bekend. De meeste aanslagen in het Midden-Oosten zijn politiek gekleurd, een gevolg van onrecht, onderdrukking, strijd en oorlog. Indien de aanslag is gepleegd in de naam van Islam, laat het dan duidelijk zijn dat geweld, agressie en intolerantie totaal tegengesteld zijn aan de leer van de Islam. Terroristen maken in naam van de Islam misbruik van het woord Jihad.

Het woord Jihad betekent zeker niet: 

(1) Het plegen van zelfmoordaanslagen;

(2) Het om het leven brengen van een onschuldige;

(3) Het vernietigen van eigendommen;

(4) Het creëren van angst en vrees bij medeburgers;

(5) Het gijzelen van onschuldige mensen;

(6) Het voeren van strijd om zelfzuchtige, politieke en economische beweegredenen.

Jihad betekent juist: 

(1) Het zich een uiterste inspanning getroosten voor innerlijke geestelijke zuivering;

(2) Het overbrengen van de leerstellingen van de Islam op een vreedzame wijze;

(3) Fysieke strijd ter zelfverdediging en ter verdediging van de vrijheid van godsdienst tegen een agressieve vijand. Deze fysieke strijd is echter onderworpen aan een strikte gedragscode.

Momenteel is er nergens in de wereld sprake van een collectieve en fysieke agressie tegen de moslims om de godsdienstvrijheid weg te nemen. Nergens wordt er voldaan aan de extreme condities waarin deze  vorm van Jihad de enige optie is. Deze vorm van Jihad is daarom nergens ter wereld van toepassing.

Jihad in al zijn vormen is daarom een middel om vrede in zowel onszelf, als in onze samenleving te bevorderen. Iedere actie die niet de vrede bevordert, kan daarom niet als Jihad worden bestempeld.

Wat is het standpunt van de Islam met betrekking tot terrorisme?

De Islam bestrijdt terrorisme in al zijn vormen, omdat het woord ‘Islam’ letterlijk afgeleid is van het woord ‘salama’ dat vrede en veiligheid betekent. De verplichting voor de moslims om vrede en veiligheid te handhaven is zo diep geworteld in de Islam dat de Heilige Qor’an ware moslims als volgt beschrijft:

“En de dienaren van de Barmhartige zijn zij die met nederigheid op aarde wandelen, en als de onwetenden hen aanspreken, zeggen zij: “Vrede!” (25:64)

De voormalige en vierde khalifa (kalief) van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap, Hadhrat Mirza Tahir Ahmad, heeft in duidelijke bewoordingen het standpunt van de Islam uiteengezet. Hij zei:

“Islam verwerpt en veroordeelt iedere vorm van terrorisme ten stelligste. Hij verschaft geen dekmantel of rechtvaardiging voor welke daad van geweld dan ook, of deze wordt begaan door een individu, een groep of een regering…. Ik veroordeel krachtig alle daden en vormen van terrorisme, omdat het mijn diep geworteld geloof is dat niet alleen de Islam, maar geen enkele ware godsdienst, wat ook zijn naam is, geweld en het vergieten van bloed van onschuldige mannen, vrouwen en kinderen in de naam van God kan goedkeuren.”

Tenslotte wil ik nog enkele woorden aanhalen van het internationale hoofd van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap, de vijfde khalifa (kalief), Zijne Heiligheid Hadhrat Mirza Masroor Ahmad. Hij sprak ze uit na de aanslagen in Parijs op 14 november 2015, maar deze woorden zijn ook nu van toepassing.

“Ik wil ook met nadruk herhalen dat alle vormen van terrorisme en extremisme volstrekt ingaan tegen de ware leerstellingen van de Islam. De Heilige Koran heeft vermeld dat zelfs het doden van één persoon gelijkstaat aan het doden van de gehele mensheid. Dus onder geen enkele omstandigheid kan moord worden gerechtvaardigd, en zij die hun vijandige daden trachten te rechtvaardigen in de naam van de Islam, bewerkstelligen slechts dat zij deze belasteren op de slechtst mogelijke wijze.”

“Ons medeleven en onze gebeden zijn met de slachtoffers van de aanslagen en met alle nabestaanden en met hen die op enigerlei wijze zijn getroffen. Moge de Almachtige God hun allen geduld schenken, en ik hoop en bid dat de daders van dit kwaad snel voor de rechter zullen worden gebracht.”

Youssef

IS onislamitisch noemen is een feit, niet een excuus.

0

IS onislamitisch noemen is een feit, niet een excuus

El Madkouri stelt in zijn artikel, ‘IS is in niets strijdig met de Islam’ van dinsdag 1 december in de Volkskrant dat de wereld “terecht” een inbreng van de moslims verwacht als het gaat om de religieuze wortels te doorgronden die IS beweegt om te doen wat ze doen. Maar El Madkouri schrijft dat wij als moslims niet mogen zeggen dat de IS niets met de Islam te maken heeft.

Als wij als moslims gehoor zouden geven aan deze oproep dan zouden wij ons of bij IS moeten aansluiten of afstand moeten nemen van de Islam. In deze fuik loopt de moslim als de theorie van El Madkouri gepraktiseerd wordt.” Want” zo stelt hij: “de bronnen van IS zijn wel degelijk Islamitisch”. En: “het heeft dus geen zin om te zeggen dat het niet Islamitisch is”. Aangezien niet alle moslims of alle mensen wat dat betreft zich goed kunnen uiten of niet geleerd of geletterd genoeg zijn om zich verdiept uit te spreken, roep ik bij deze alle moslims op om vooral te zeggen dat wat IS doet niet Islamitisch is!!

En mijn andere oproep gaat uit naar de media om moslims met een geluid van vrede en harmonie een platform te geven. Zodat inderdaad gehoor gegeven kan worden aan de oproep van El Madkouri om de ideologie van IS te doorgronden of liever gezegd te ontmaskeren. En dan beginnen we natuurlijk met de Koranverzen: “Er is geen dwang in godsdienst” (2:257) en: “Laat daarom geloven die geloven wil en niet geloven die niet wil”(18:30). De basisliteratuur van de Islam is nog altijd de Koran en niet de haatdragende boeken van auteurs die ver na de tijd van de profeet Mohammed leefden.

El Madkouri pleit tevens om de wortels van de Islam te doorgronden alsof de Profeet Mohammad een gewelddadige Jihad voerde en dit later door IS is opgevolgd. De werkelijkheid is dat de Profeet Muhammad en de vroege moslims 13 jaar lang werden vervolgd, zonder dat zij iets terug deden. Zo emigreerden zij vervolgens in de hoop de Islam in vrede te kunnen praktiseren. En toen bleek dat zij in hun nieuwe verblijfplaats nog steeds met uitroeiing werden bedreigd moesten zij zichzelf verdedigen onder een strikte morele gedragscode.

Het is schandalig hoe El Medkouri valselijk en daarom ook zonder argumenten beweert dat volgens de Islam alles wat de vijand angst kan inboezemen is toegestaan en dat onthoofding geliefd is bij Allah, integendeel. Allah is volgens de Islam juist de bron van alle liefde en genade voor alle werelden. Allah heeft volgens de Koran zelfs medelijden met degenen die Zijn profeten bespotten, zo zegt Allah in de heilige Koran: “Helaas voor mijn mensen, er komt geen boodschapper tot hen of zij bespotten hem” (3:30/31). Ook de vroege moslims die onvermijdelijke zelfverdedigingsoorlogen moesten voeren hadden liever vrede dan oorlog. Zo zegt Allah in de Koran hierover: “Vechten is u geboden ofschoon gij er afkerig van zijt” (2:216/217). En in deze onvermijdelijke zelfverdedigingsoorlogen die de moslims moesten voeren, golden de meest beschaafde en vredelievende regels denkbaar. Zo mochten ze geen vrouwen, kinderen, ouderen en niet-strijders doden of gevangen nemen. Zij mochten zelfs geen bomen omhakken. En het kwam voor dat de moslims hun krijgsgevangen te eten gaven, terwijl zij zelf honger leden en dat de moslims hun krijgsgevangen te paard lieten gaan, terwijl zij zelf te voet gingen.

Als bewijs voor zijn statement haalt onze ‘islamoloog’ drie boeken aan van grondleggers van de extremisten. Hij gaat hier voorbij aan het feit dat dit interpretaties zijn van mensen die een eigen agenda hebben. Jammer dat hij dit niet doorziet (of juist wel) en op een populistische manier van beargumenteren heel plat de link legt met de Islam. We zijn de laatste die zullen zeggen dat er niets mis is met hoe de Islam nu wordt beleefd door de extremisten, maar de link tussen de Koran en onthoofding is klinkklare onzin.

Ik zal u uitleggen waarom we IS niet Islamitisch moeten noemen. Omdat geweld geen basis heeft in de Koran, de Sunnah en de Hadith. En omdat, als we niet uitkijken met de formulering, we een slordige miljard volledig vreedzame moslims zouden bestempelen als potentiële terroristen. En daarmee zouden we nog veel meer gefrustreerde moslims in de armen van IS drijven.

Het is natuurlijk één grote verzinsel als hij pro-IS boeken gaat aanhalen als “bewijs” dat geweld door de Islam goedgekeurd wordt. Als hij iets zou willen bewijzen, dan zou hij de “link” tussen de handelingen van IS en de voorschriften van de Koran met argumenten moeten onderbouwen, maar El Madkouri slaat feitelijk de hele discussie over.

Wat overblijft is dat El Madkouri erop wijst dat IS erg zijn best doet haar religieuze verantwoording kloppend te krijgen. Het onjuiste aan het verhaal wordt door de schrijver zelf geleverd maar blijkbaar heeft hij dat niet door. El Madkouri zegt over één van de auteurs, Al Muhajir, wiens boek door IS gebruikt wordt: “Het verbod op het doden van vrouwen, bejaarden en priesters weet hij vakkundig te omzeilen door in de Koran, de Hadith en de geschiedenis van de islam voldoende bewijs te vinden waaruit blijkt dat ook deze groepen niet hoeven te worden uitgezonderd”. Al Madkouri geeft hier zelf toe dat er sprake is van herinterpretatie van de Koran, Sunnah en Hadith! De schrijver kan dus nooit concluderen dat het islamitisch is. Zo kan ik de bijbel ook herinterpreteren en roepen dat ik christelijk handel.

Ook in fiqh is er sprake van meerderheid en minderheidsopinies, van historische- en contextafhankelijkheid. El Madkouri weet dat maar weigert het te noemen. Dat er een precedent voor iets bestaat of dat een bepaald verschijnsel besproken is door juristen maakt het bovendien niet bindend of rechtsgeldig. We hebben de Koran meermalen doorgespit, objectief en in de context, en we hebben niets kunnen vinden waaruit blijkt dat IS handelingen op de Islam zijn gebaseerd.

PERSONALIA

Schrijvers: Latief Verhagen, Tom van der Steen en Youssef Ikhlaf.

Ahmadiyya Moslim Schrijversgilde is een afdeling binnen de Ahmadiyya Moslim Djamaat die tot taak heeft te reageren op negatieve publiciteit over de Islam en de goede inherente kwaliteiten van de Islam te belichten.

Vanuit een bescheiden begin is de Ahmadiyya Moslim Djamaat uitgegroeid tot een dynamische kracht in de huidige wereld van de godsdienst. Zij heeft vestigingen in meer dan 200 landen en haar tientallen miljoenen aanhangers vormen een positief en bijzonder element in de Islam wereldwijd. Ons motto is: Liefde voor iedereen, Haat voor niemand.

 

Reactie op betogen van David Suurland en Frits Bolkestein

0

DE NACHTEGAAL

LR

RELIGIE VAN VREDE, DE ISLAM

– Ahmadiyya Moslim Schrijversgilde –

Dit is een reactie op het artikel De Kleren van de Keizer van David Suurland (verschenen in het juninummer van Liberaal Reveil dit jaar). In dit artikel ontkracht het Ahmadiyya Moslim Schrijversgilde dat het jihadisme een wezenlijk onderdeel is van de Islam.

In het huidige politieke debat over de relatie tussen de Islam en politiek geweld vallen islamcritici, politici en moslimgeleerden over elkaar heen. Het ene geluid verklaart dat jihadisten de Islam, die in wezen vreedzaam is, misbruiken. Het andere geluid verklaart dat het jihadisme wel degelijk een basis heeft in de Islam. David Suurland opende dit debat onlangs door een artikel dat hij schreef in het Liberaal Reveil (Juni 2015 ‘De kleren van de keizer: Islam en de religieuze fundering van politiek geweld’). Hij betoogt dat het jihadisme een wezenlijk onderdeel is van de Islam.

Het is de traditie van de oriëntalisten om fragmenten te publiceren uit de commentaren van de moslims, en dan de Islam in diskrediet te brengen en het tegenstand verder aan te wakkeren met behulp van deze fragmenten. David Suurland baseert zich vooral op een selectieve lezing van islamitische bronnen uit de middeleeuwen. Dit zien we veelvuldig terug in het actuele debat over de Islam. Als we de relatie tussen terrorisme en Islam willen analyseren, moeten we dan echt te raden gaan bij theologische interpretaties van middeleeuwse geleerden en hun huidige epigonen? We kunnen toch ook niet zeggen dat het Christendom inherent een gewelddadige religie is, omdat we dat kunnen terugvinden in de middeleeuwse encyclieken?

Het Arabische woord ‘jihad’ wordt overigens vrij vertaald als ‘heilige oorlog’ en in één adem genoemd met terrorisme. Dit is onjuist. In de Islam is een oorlog niet heilig, maar defensief. Oorlog betekent ‘al-harb’ en niet jihad. Jihad betekent ‘streven’. Nergens in de Koran wordt het woord Jihad in verband gebracht met geweld.

David Suurland meent dat een gewelddadige opvatting, een ideologie van een meerderheid, zondermeer bewijst dat dit een grondslag heeft in de religieuze bronnen. Moslims in de Palestijnse gebieden, Egypte, Jordanië of Pakistan vinden dat het

verlaten van de Islam met de dood moet worden bestraft en dat overspelige personen gestenigd moeten worden. Ontbreekt het meneer Suurland aan historische kennis of aan inzicht door zijn vooringenomenheid? De kruisvaarders, de westerse Christenen, vertrokken met grote legers richting het Oosten en Jeruzalem onder het bevel van de Paus uit landen zoals Duitsland, Frankrijk en Italië. In naam van het Christendom stond een meerderheid van de Christenen destijds achter deze gewelddadige tochten. Moeten we er nu ook vanuit gaan dat de Bijbel tot extremisme en terrorisme aanzet?

In de huidige tijd gebruiken verschillende actoren geweld om politieke doelen te bereiken; het Christelijke Lord’s Resistance Army in Uganda, de Christelijke moordbenden in de Centraal-Afrikaanse Republiek, de Ku Klux Clan in Amerika, de IRA in Ierland en de ETA in Spanje. Waarom spreekt David Suurland in dit kader niet van christelijke terrorisme dat haar oorsprong heeft in de Bijbel? Meerderheidsmeningen vaststellen en zeggen dat deze impliceren dat religie schuldig is, is een onwetenschappelijke manier van redeneren.

David Suurland betoogt dat we niet naar de mening van onislamitische, westerse politici moeten kijken, maar naar de mening van die Schriftgeleerden en exegeten die een wezenlijke bijdrage hebben geleverd aan de vorming van wat wij nu islamitisch recht noemen: de oelama. Wat hij niet begrijpt is dat de Shari’a een totaal van meningen is waarin uiteindelijk meerderheidsstandpunten gevormd worden. Om de Islam op de juiste manier te beoordelen moeten wij naar de Koran kijken en het leven van de profeet Mohammed.

David Suurland maakt een analogie die elke grond mist. De Koran is wel degelijk een nieuwe godsdienst die alle profeten eert. Joodse profeten en Jezus worden moslims genoemd in de betekenis dat zij God gehoorzamen. De goddelijke oorsprong van

het Jodendom en Christendom wordt in de Koran juist bevestigd. In de Koran worden de menselijke fouten die later in de godsdiensten zijn gekropen gecorrigeerd. De respectievelijke godsdiensten zelf worden erkend. De Islam is een voortzetting van de evolutie van de godsdienst met een volmaakte leer voor alle tijden. Vanuit dat perspectief moet men tahreef en islah bezien.

Het ridiculiseren van de Koran en Mohammed middels cartoons wordt inderdaad als extreem pijnlijk ervaren. De Ahmadiyya Moslim Gemeenschap heeft nooit gepleit voor een restrictie van de vrije meningsuiting of bedreigingen te vergoelijken of spot te beantwoorden met gewelddadigheden. Indien wij van vrede houden dan zouden wij de vrijheid van meningsuiting niet moeten misbruiken om miljoenen moslims te kwetsen.

David Suurland baseert zich opnieuw op de shari’ah om zijn geliefde standpunt te bekrachtigen dat de Islam het vreedzaam samenleven met joden en christenen afhankelijk maakt van de eis dat zij hun religie niet in het openbaar mogen praktiseren, geen kerken of synagogen mogen bouwen of restaureren, moslims niet mogen proberen te bekeren tot hun religie en zij geen kritiek mogen uiten op de Islam. Die suprematie gedachten komen niet voort uit de Koran en de Sunnah d.w.z. het leven van de Profeet, maar van sommige moslimleiders die de ware leerstellingen van de Islam zijn vergeten. In de Koran staat juist: ‘En indien Allah sommige mensen niet met behulp van anderen tegenhield, zouden ongetwijfeld kloosters, kerken, synagogen en moskeeën, waarin dikwijls de naam van Allah wordt herdacht, afgebroken zijn’ (22:40-42).

Volgens David Suurland heeft Profeet Mohammed zelf opdracht gegeven om mensen te vermoorden die hem hadden beledigd of toestond dat anderen hen vermoordden. Hij vindt daarom dat de aanslagen op Charlie Hebdo wel iets te maken hebben met de Islam. Dit is onjuist. Noch de Koran noch de Profeet Mohammed geven hiervoor het bevel. De Profeet liet bijvoorbeeld niet toe dat Abdullah bin Salul die hem had beledigd werd gedood.1 De Koran meldt expliciet en structureel dat er geen straf is op het beledigen (4:141, 6:69).

Dat de heilige oorlog geciteerd wordt als ‘een verplichting’ zegt niks over of, en waarom, men oorlog zou voeren. Zowel de Hanafi als de Maliki rechtsschool vinden dat iedere niet-moslim gemeenschap rechten heeft en beschermd moet worden in een moslimstaat, ook al zijn het polytheïsten of atheïsten. Alle rechtsscholen hebben echter een identiek basisstandpunt met betrekking tot oorlogs-

ethiek: er mogen geen kinderen, vrouwen, zieken, geestelijken, ouderen en niet-vechters gedood worden. Er mogen geen oogsten, huizen en gebedshuizen worden vernietigd. Er mag ook geen dwang tot bekering zijn. Deze oorlogsethiek was een van de weinige thema’s waar men binnen de vier rechtsscholen consensus over had.2

David Suurland meent dat de positie van Dhimmi’s (niet-moslims die onder het gezag van Moslims leven) eentje is van onderworpenheid en institutionele discriminatie. Dat ze in beginsel slechts de keuze hebben tussen bekeren of de dood. Hij citeert hiervoor vers 9:29 van de Koran: ‘Bestrijdt diegenen onder de mensen van het Boek, die in Allah noch in de laatste Dag geloven, noch voor onwettig houden wat Allah en Zijn boodschapper voor onwettig hebben verklaard, noch de ware godsdienst belijden totdat zij de belasting (jizyah) met eigen hand betalen, terwijl zij onderdanig zijn.’ Het ontbreekt hem aan kennis, dit vers werd in een bepaalde historische context geopenbaard. Het verwijst naar de mensen van het boek die in Arabië leefden en de Islam met man en macht probeerden uit te roeien. Moslims werden opgroepen om deze vijandigheid te bestrijden totdat een vreedzaam samenleving werd hersteld. De jizyah was een belasting die ze betaalden in ruil voor bescherming, zij waren ook gevrijwaard van een militaire dienstplicht. De Moslims moesten een zwaardere belasting betalen; de Zakat. Er staat ook: ‘(…) totdat zij de belasting met eigen hand b talen (…)’ Dit geeft zondermeer aan dat zij de belasting niet gedwongen betaalden.

David Suurland heeft zijn onderzoek niet goed uitgevoerd. Een meerderheid van Moslimgeleerden beschouwt het vers als een Medinese vers dat niet vervangen is door een andere vers, inclusief de exegeet Ibn Kathir (Tafsir al-Qur’an al-’Adhim pp.551- 552). Het vers is een universele verklaring van religieuze tolerantie en niet geopenbaard voor een specifieke doelgroep in een specifieke context. Het bewijs hiervoor is dat de Koran structureel religieuze tolerantie benadrukt (88:22-23, 42:49, 16:126,

23:97, 103: 2-4).

Het incident dat David Suurland tevens citeert (Sahih Bukhari 1:2:25) waarin hij concludeert dat de Profeet met dwang bekeerde is ook onjuist. De primaire bronnen van de Islam zijn de Koran en de Sunnah. Hadith zijn minstens twee eeuwen later opgeschreven,3 alle Hadith die in tegen strijd zijn met de Koran en de Sunnah zijn onbetrouwbaar en niet de woorden van de Profeet zelf. De Koran verwerpt stelselmatig alle vormen van geweld en alle soorten van extremistische uitspraken, ongeacht of Yusuf al-Qardawi dat zegt. De meerderheid van moslimburgers zijn tegen extremisme en tegen extremistische uitspraken van geleerden.

David Suurland wil duidelijk maken hoe de rechtsscholen denken over het concept Jihad en benoemt dan verschillende overleveringen maar hij benoemt geen enkele keer een vers van de Heilige Koran. In de Islam is de Heilige Koran het goddelijke woord oftewel de bron.Het is bewaard gebleven in zijn oorspronkelijke vorm zoals de geschiedenis getuigt.4 De Heilige Koran, Sunnah en de Hadith worden beschouwd als primaire bronnen maar in volgorde van waarde is de Heilige Koran het hoogste in rank.5 Het zou dan ook meer dan passend zijn als we het Jihad concept eerst bekijken vanuit de perceptie van de Heilige koran. Geen concept uit de Islam is zo verkeerd begrepen als Jihad. Het woord roept in het Westen schrikbeelden op van barbaars geweld en voedt een afwijzende houding tegenover de Islam. Ik wil mij graag houden tot wat de Heilige Koran en de Sunnah zegt over Jihad. Daaruit zal blijken dat er verschillende vormen van Jihad bestaan, en dat Jihad beoefend kan worden met verschillende middelen. Ook zal blijken hoe ver dat schrikbeeld verwijderd is van de werkelijkheid. Laten we eerst een kijkje nemen op wat de Heilige Koran zegt over het concept Jihad?

De Heilige Koran leert ons dat wanneer er een oorlog uitbreekt dat deze dan gestreden moet worden op een dusdanige wijze dat er zo min mogelijk slachtoffers vallen en dat er zo min mogelijk schade wordt toegebracht aan eigendommen en dat de vijandelijkheden zo snel mogelijk tot een einde komen.

In de Heilige Koran lezen we het volgende :

22:40: Toestemming om te vechten is gegeven aan degenen tegen wie gevochten wordt, omdat hun onrecht is aangedaan, voorzeker Allah heeft de macht hen bij te staan.

22:41: Degenen die ten onrechte uit hun huizen werden verdreven alleen omdat zij zeiden: Onze heer is Allah. En indien Allah sommige mensen niet met behulp van anderen tegenhield, zouden ongetwijfeld kloosters, kerken, synagogen en moskeeën, waarin dikwijls de naam van Allah wordt herdacht, afgebroken zijn. Allah zal ongetwijfeld degene ondersteunen die hem helpt. Allah is inderdaad Sterk, Almachtig.

60:9: Allah verbiedt u niet, degenen, die niet tegen u om de godsdienst hebben gevochten, noch u uit uw huizen hebben verdreven, goed te doen en rechtvaardig te behandelen. Voorzeker, Allah heeft de rechtvaardigen lief.

60:10: Maar Allah verbiedt u vriendschap te betonen aan degenen, die tegen u gevochten hebben om de godsdienst, en die u uit uw huizen hebben verdreven of geholpen hebben u te verdrijven. En wie hun ook vriendschap aanbiedt, dezen zijn de boosdoeners.

61:11: O gij die gelooft, zal ik u inlichten over een handel die u zal redden van een pijnlijke straf.

61:12: Dat gij in Allah en zijn boodschapper gelooft en voor de zaak van Allah met uw bezit en uw persoon strijdt. Dat is beter voor u als gij het weet.

Uit deze verzen kunnen we opmaken dat de Jihad met de ‘zwaard’ alleen mag worden toegepast als zelfverdediging. De islam verbiedt het om een offensieve Jihad te voeren. De Heilige Koran geeft ook heel duidelijk aan dat als de moslims niet zouden strijden ter zelfverdediging de vijanden behalve moskeeën ook kloosters, kerken en synagogen zouden vernietigen. De islam komt dus op voor alle religies en is een voorstander voor de vrijheid van godsdienst.

Het woord Jihad betekent: streven, zich inspannen, hard werken, om een doel te bereiken.6

In Islamitische religieuze context, wordt het begrip Jihad gebruikt om uitdrukking te geven aan elke inspanning die men doet om God te behagen en om Gods zaak vooruit te helpen. Het is Jihad goede werken te doen, het beste te kiezen tussen twee alternatieven, respect te hebben voor ouderlingen, zich in te zetten voor het uitbouwen van een rechtvaardige maatschappij, met zorg om te gaan met dieren, zich te gedragen in overeenstemming met Koranische waarden zoals geduld, minzaamheid, verdraagzaamheid, tolerantie en zelfbeheersing. Wordt een moslimstaat aangevallen, dan schrijft de Koran voor dat wanneer aan een aantal voorwaarden voldaan is, de beste inspanning erin bestaat zich gewapenderhand te verweren tegen de agressor. Ook dat is dan Jihad. Jihad is duidelijk geen synoniem voor ‘oorlog’. Het is een zeer ruim begrip dat slaat op alle inspanningen die men doet om God te dienen volgens wat de Koran voorschrijft als gepaste (re-)actie in de omstandigheid waarin men zich bevindt. In uitzonderlijke gevallen, kan dat een oorlog zijn, in andere omstandigheden kan het juist slaan op een verbod van het gebruik van geweld. In veel gevallen, heeft het niets met gewapende strijd te maken vermits de meeste omstandigheden van het leven geen gewapend antwoord vereisen noch toelaten, maar bijvoorbeeld vragen om geduld, tolerantie of hulpvaardigheid.

Jihad – een zich inspannen om te doen wat God

wil – is onlosmakelijk verbonden met het geloof. Jihad is immers de aanbidding van God omgezet in woord en daad.7 In die zin is het de ultieme vorm van verering van God. Geloof alleen volstaat niet, men moet ook leven volgens het geloof. In Islam draait alles om ‘taqwa’: godvruchtigheid én goede daden. Geloof en handelen zijn onlosmakelijk met elkaar verwerven. Het volstaat bijvoorbeeld niet te geloven dat men tolerant moet zijn, met moet zich ook daadwerkelijk inspannen (jihad beoefenen) om het eigen karakter om te vormen tot verdraagzaamheid en om de samenleving toleranter te maken. Jihad is het dagelijks in praktijk brengen van alles wat het geloof voorschrijft.

Op grond van de omstandigheden waarin en het doel waarvoor men jihad beoefent, worden een aantal verschillende vormen van Jihad onderscheiden die ook met verschillende middelen beoefend worden. De soorten Jihad worden hierna besproken.

Jihad an-Nafs: de strijd tegen je ego

Vooreerst is er een persoonlijke, psychologische en morele Jihad met als doel een beter mens te worden. Het woord Islam betekent zich onderwerpen (aan God), of moslim is een persoon die zich onderwerpt aan God. De heilige profeet Mohamed verwees herhaaldelijk naar deze uitdrukking van geloof:

Een Mujahid (hij die jihad beoefent) is diegene die streeft tegen zijn eigen ik om God te gehoorzamen (Sahih Ibn Hibbanm, No. 4862)

Ibn Umar rapporteerde dat de Profeet zei: ‘Jihad tegen iemands zelf voor de zaak van God is de beste Jihad’ (at-Tabaraani)

Voor diegenen die een zulk Jihad beoefenen, stelt de Koran het Paradijs in het vooruitzicht:

79:41-42: Doch voor hem die vreesde voor zijn heer te staan, en die zijn ziel van begeerten onthield, zal het paradijs zeker zijn verblijf zijn.

Jihad-e-Kabeer of Jihad van de Pen

De Beloofde Messias en Imam Mahdi (a.s.) zegt verder: ‘Nu is het de Jihad met de Pen die moet worden gevoerd… het is met de pen dat de Islam wordt aangevallen. Daarom is het noodzakelijk dat de Pen moet worden gebruikt om de aanvallen te weerleggen. De Almachtige zegt in de Heilige Koran, dat u zich verdedigt met het wapen dat de vijand tegen u gebruikt. Kijk dan wat de tegenstanders van de Islam voor ons in petto hebben. Ze brengen geen legers tegen ons in stelling. Ze verspreiden boeken en geschriften. Dan moeten wij ook de pen ter hand nemen, en hun aanval beantwoorden middels boeken en geschriften. Het middel moet niet erger zijn

dan de kwaal. Als het medicijn niet in overeenstemming is met de ziekte, dan zal die behandeling niet baten, maar schaden’ (Hadhrat Mirza Ghulam Ahmad (a.s.), Malfoozat Vol. 8, pagina 20).8

Verder zegt de Beloofde Messias en Imam Mahdi (a.s.) in Noorul Haq9: ‘In deze tijd vindt jihad plaats in geestelijke zin. De jihad van deze tijd is dat we moeten strijden om de Islam te verspreiden door antwoord te geven op de bezwaren van de tegenstanders, de schoonheid van Islam te verspreiden over de wereld en de waarachtigheid van de Heilige Profeet Mohammad (s.a.w.) te laten zien. Dit is jihad. Totdat God een andere manier toont’.

Velen nemen de pen, maar slechts weinigen zijn begunstigd met de geest om de Jihad te voeren in de meest aanvaardbare manier. Vele wensen de pen op te pakken maar hun onjuiste overtuigingen en gebrek aan kennis voorkomt dat ze dat doen en daarom vallen ze vaak terug in hun oude staat. Maar, het is de Ahmadiyya beweging die nooit is gestopt met deze grote strijd sinds haar oprichting, ze zijn vastbesloten met betrekking tot dit intellectuele proces dat ruim een eeuw geleden werd gestart door Hazrat Mirza Ghulam Ahmad van Qadian, de Beloofde Messias en Mahdi in de islam. Hij heeft juist opgelost hoe men om hoort te gaan met deze bronnen. De Koran is altijd leidend. Aan de hand van de Koran wordt een Hadith beoordeelt. De Hadith zelf heeft twee belangrijke manieren om beoordeelt te worden:10

Riwayat (studie van iedere overleveraar) Dirayat ( interne boodschap van de Hadith) De koran zegt:

6:22 En wie is onrechtvaardiger dan hij, die een leugen tegen Allah uitdenkt of zijn tekenen verloochent? Voorzeker, de onrechtvaardigen zullen niet slagen.

Jihad al-Asghar of kleine jihad gewapende strijd tegen aanval of bezetting

Tot dusver zijn vreedzame vormen van Jihad besproken. In sommige gevallen kan het voorkomen om naar de wapens te grijpen. Dit is dan de ‘jihad al-asghar’ – een kleine jihad, in tegenstelling tot de jihad tegen het ego (jihad an-nafs) Daarbij wordt vaak naar volgende hadith verwezen:

Een groep moslimsoldaten kwam bij de Heilige Profeet (van een veldslag). Hij zei: ‘welkom, jullie keren terug van de kleine Jihad naar de grote Jihad’. Er werd gezegd: ‘wat is de grote Jihad’? Hij antwoordde: ‘het streven van een dienaar tegen zijn lage verlangens.’ (Al-Tasharraf, Part I, p. 70)

Islam staat geen offensieve oorlog toe. Enkel

wanneer moslims aangevallen worden, en wanneer alle andere mogelijkheden om de aanval af te slaan zoals het opstarten van vredesonderhandelingen op niets uitdraaien, mag men zich gewapende wijze verzetten – en dan nog gelden zeer strikte regels. Geweld is de allerlaatste optie.

Het volgende vers uit de Heilige Koran legt uit wanneer fysiek vechten is toegestaan.

22:40-41: toestemming om te vechten is gegeven aan degenen tegen wie gevochten wordt, omdat hun onrecht is aangedaan, voorzeker Allah heeft de macht hen bij te staan. Degenen die ten onrechte uit hun huizen werden verdreven alleen omdat zij zeiden: Onze heer is Allah. En indien Allah sommige mensen niet met behulp van anderen tegenhield, zouden ongetwijfeld kloosters, kerken, synagogen en moskeeën, waarin dikwijls de naam van Allah wordt herdacht, afgebroken zijn. Allah zal ongetwijfeld degene ondersteunen die hem helpt. Allah is inderdaad Sterk, Almachtig.

Dit vers geeft aan wanneer gewapend verzet mogelijk is:

De vijandigheden moeten door anderen gestart worden tegen de gelovige moslims. Enkel moslims die ‘bestreden worden’, mogen zich verzetten. Het gaat dus om een defensieve oorlog, niet om een offensief. Wat hierbij betracht wordt is het beschermen van de rechtvaardige gematigde gemeenschap waarvan eerder al sprake was.

Er moet de moslims onrecht aangedaan zijn. Hierbij wordt expliciet het onrechtmatig verdrijven uit woningen vermeld.

Het doel van de agressor moet de destructie van de Islam en de moslims zijn. Het vers verwijst naar godsdienstvervolging, waarbij moslims enkel vervolgd worden omdat zij zeggen dat ze in God geloven.

Een oorlog is dus enkel toegestaan als verdediging tegen het onrecht dat veroorzaakt is door een aanval of bezetting, verdrukking of godsdienstvervolging. Daarbuiten, is gewapend verzet niet gelegitimeerd.

Conclusie

Terrorisme is geen nieuw verschijnsel, maar van alle tijden. Het is een instrument dat door groepen van uiteenlopende aard wordt gebruikt om angst te zaaien, het maatschappelijke leven te ontwrichten en de politieke stabiliteit te ondermijnen. Dit alles om de gewenste politieke en maatschappelijke veranderingen af te dwingen.

De gijzelingen, kapingen, bomaanslagen, liquidaties, bedreigingen die plaatsvonden tussen de jaren zeventig en het eind van de vorige eeuw werden onder meer opgeëist door Molukkers, Koerden, de IRA, de ETA, de PLO, het Japanse Rode Leger, de Rode Jeugd, RaRa, en het dierenbevrijdingsfront. Maar vooral na 11 september 2001 is religie, lees islam, synoniem geworden voor terrorisme.

Tegelijkertijd valt niet te ontkennen dat er moslims zijn betrokken bij terroristische activiteiten en aanslagen plegen in de naam van de islam. Geen enkele moslim zal dat ontkennen. Bovendien zijn de moslims zelf het grootste slachtoffer van dat extremisme. Het is echter volstrekt onjuist om de islam hiervoor verantwoordelijk te stellen. Stellen we andere religies verantwoordelijk voor het kwaad dat in hun naam wordt gepleegd? Stellen we Wilders verantwoordelijk voor hetgeen Anders Breivik heeft gedaan? Stellen we de wetenschap verantwoordelijk voor wat massavernietigingswapens aanrichten? Om een metafoor te gebruiken: wie sturen we een boete voor een verkeersovertreding: de auto of de bestuurder? Kennelijk willen we maar niet begrijpen dat de mens zelf kwaadaardig is en alles gebruikt en misbruikt voor zijn eigen gewin.

In het gepolariseerde debat wordt voortdurend beweerd dat vooral moslims aanslagen plegen. Deze stelling is echter volstrekt onjuist.11 Hoogleraar Robert Pape van de Universiteit van Chicago en oprichter van Chicago Project on Security and Terrorism12 stelt dat de Tamil Tigers meer bloed aan hun handen hebben dan de jihadisten. Andere onderzoeken laten zien dat er voornamelijk niet-religieuze gemotiveerde aanslagen worden gepleegd. Deze feiten krijgen zelden een plek in de mainstream media.

Safeer Siddiqui, Nabeel Siddiqui, Youssef Ikhlaf en Ahsan Mahmud namens Ahmadiyya Moslim Schrijversgilde. Ahmadiyya Moslim Schrijversgilde is een afdeling binnen de Ahmadiyya Moslim Djamaat. De Ahmadiyya Moslim Djamaat heeft vestigingen in meer dan 200 landen. Haar motto is: Liefde voor iedereen, Haat voor niemand.

Noten:

  1. Hadhrat Mirza Tahir Ahmad, he Seal of Prophets. His Personality and Character, Text of a lecture delivered by the Head of the Ahmadiyya Muslim Jama’at on 15th October 1989 at Heathland School, Surrey UK, 2003 [1992], p. 34. https://www.alislam.org/library/books/Seal-of-Prophets.pdf.
  2. I. Jonathan A.C. Brown, Misquoting Muhammad: Me Challenge and Choices of Interpreting the Prophet’s Legacy, London, 2014, p. 186.
    1. Ahmad Yousif, “Islam, Minorities and Religious Freedom: A Challenge to Modern heory of Pluralism”, Journal of Muslim Minority Affairs, 2000, nr. 1, p. 35.
    2. Farhad Malekian, Principles of Islamic International Criminal Law, Leiden/Boston, p.69.
    3. https://en.wikipedia.org/wiki/Al-Baqara_256.
  3. I. https://nl.wikipedia.org/wiki/Hadith.
    1. https://www.alislam.org/books/religiousknowledge/sec1.html
  4. Z.H. Shah (z.j.), Promised Messiah and the Holy Quran. Geraadpleegd van https://www.alislam.org/quran/about-quran.php.
  5. M.G. Ahmad (z.j.), Me Essence of Islam. Geraadpleegd van https://www.alislam.org/books/essence/chap3/chap3.html.
  6. Ahmadiyya Muslim Community. (z.j.), Suspension of Jihad. Geraadpleegd van https://www.alislam.org/books/truth/jehad.html.
  7. Ibidem.
  8. Pen to fight pen. (z.j.). Geraadpleegd van https://www.alislam.org/library/malf051.htm.
  9. M.B. Ahmad, Me Life & Character of the Seal of Prophets. Tilford, Engeland, 2011.
  10. Hadiqatus-Salihin door Mufti Malik Saifur-Rahman, Qadiaan, India, 2003, p. 9. https://www.alislam.org/library/books/hadeeqa/hadeeqa.pdf.
  11. http://www.thedailybeast.com/articles/2015/01/14/are-all-terrorists-muslims-it-s-not-even-close.html
  12. http://news.uchicago.edu/article/2015/04/28/chicago-project-security-terrorism-creates-first-annual-report-suicide-terrorism.

 

Nederland moet negatief imago Islam verbeteren

0

Nederland moet negatief imago Islam verbeteren

In naam van de vrije meningsuiting publiceerde Charlie Hebdo opnieuw bespottende cartoons waarop de Profeet Mohammad staat afgebeeld. In Pakistan, Niger en Tjetenië werden anti-westerse teksten gescandeerd en Franse vlaggen verbrand in naam van de Profeet. Te midden van chaos, massahysterie en een beschuldigende vinger naar de Islam is het belangrijk een zinnige en genuanceerde mening te geven.

Vrijheid van meningsuiting? Prima! Maar geen samenleving die beroofd is van fatsoen, respect en besef van menselijke gevoeligheden.

Ik zie een verontrustende ontwikkeling. Tot wat voor positieve stappen hebben deze spotprenten nou geleid? Waarom moslims beledigen? Henri Roussel, medeoprichter van Charlie Hebdo, zei dat de afbeeldingen provocerend waren en in strijd met hun beleid. De Paus maakte een goed statement: de vrijheid van meningsuiting heeft grenzen en religies dienen met respect behandelt te worden, zodat het geloof van mensen niet wordt beledigd of belachelijk gemaakt. De spotprenten leveren terroristen juist weer een heleboel nieuwe rekruten op.

Maar waarom hebben die terroristen het toch steeds over Allah en Mohammed, wordt mij vaak gevraagd. Nergens geeft de Islam of de Profeet Mohammad toestemming het recht in eigen handen te nemen of iemand te verwonden of te vermoorden. Extremisten hebben hun eigen versie van de Islam ontwikkeld, verwar dat niet met de ware Islam. De Koran verbied juist elke vorm van geweld, behalve ter zelfverdediging. Toen de Profeet met tienduizend man in Mekka wraak kon nemen op degenen die zijn dochter hadden gedood en hem decennialang hadden bespot, vergaf hij hen. Hadden de daders een goede islamitische opvoeding gehad, dan zouden ze die terreurdaden nooit hebben uitgevoerd.

Ik hoor vaak hoe Moslims moeten reageren op bespottingen van de Profeet. Zwaarden kunnen gebieden winnen, maar geen harten, geweld kan hoofden buigen, maar geen gedachten, aldus Hazrat Mirza Tahir Ahmad, het voormalige Hoofd van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap, een tak van de Islam waar ik volgeling van ben. Het bewijs dat die aanslagen averechts werken? De gemiddelde oplage van Charles Hebdo was zestigduizend en het tijdschrift stond op het punt om failliet te gaan; nu zijn het er zeven miljoen! Het grootste deel van de moslimbevolking is tegen terrorisme. Degenen die de kantoren van dit blad aanvielen, hebben de leerstellingen van de Islam niet alleen een slechte imago bezorgd, maar juist meer bespottingen van de Profeet tot leven gewekt.

Het initiatief ‘niet mijn Islam’ is top. Maar niet voldoende. Moslimorganisaties moeten massaal de gewelddadige jihad veroordelen. Als je stil blijft, kan dat leiden tot onbegrip, angst en een diepere kloof tussen Moslims en niet- Moslims. Terroristen volgen een onjuiste interpretatie van de Islam. Dat uit zich in onverdraagzaamheid en geweld tegen het Westen en andersdenkenden. Daarom moeten alle Moslims de zorgen van Nederlanders begrijpen en dit veroordelen.

Nederland dient de negatieve Islam imago te verbeteren, want moslimjongeren maken zich daar zorgen om. Zelfs in lesboeken op basisscholen staat dat Muhammad de Islam met het zwaard heeft verspreid. De overheid kan eraan bijdragen om het juiste bewustzijn over religies te creëren. Zonder een degelijke opleiding en zonder toekomst perspectief zitten sommige jongeren vol opgekropte haatgevoel. Zo zetten ze zich af tegen ‘het Westen’ en menen ze dat Allah dat ook goedkeurt. We denken dat we de problemen bij de jongeren wegnemen als we geld pompen in achterstandswijken en een paar sportpleintjes aanleggen. Maar veel belangrijker is te laten zien dat de samenleving er voor iedereen is. Men voelt zich nu buitengesloten en geen Nederlander. Zorg ook voor gedegen integratiebeleid en begeleiding. Sommige gemeenten helpen al met de taalontwikkeling. Voor de doorsnee- Nederlandse burger: help nieuwkomers. Het probleem wordt ook verergerd door de crisis. Armen leiden daar meer onder. Houd interreligieuze conferentie, zodat je ook respect voor andere religies opbouwt. En laten we vooral de Moslims met vredelievende stemmen meer platform bieden.

Youssef

Aanslag Parijs raakt mij als Moslim diep

0

Aanslag Parijs raakt ons diep als Moslims

Schokkend en onmenselijk

We lazen met pijn in het hart dat enkele daders deze schokkende en onmenselijke aanslag hebben gepleegd in naam van onze Profeet. Het plegen van geweld is absoluut niet toegestaan in ons geloof. Het is juist een belediging aan het adres van de Islam.

Moslims moeten stem laten horen

Vele Moslims hebben de aanslag veroordeelt, met de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap op de voorgrond. Onze gedachten en gebeden gaan uit naar de slachtoffers en allen die door deze barbaarse en schokkende aanslag zijn getroffen. We willen graag onze innige deelneming en medeleven betuigen aan alle nabestaanden.

De Koran roept niet op tot oorlog

Er zijn geen concrete aanwijzingen dat er iets gaat gebeuren naar aanleiding van Parijs, maar het zet de verhoudingen wel sterker onder druk. Vooral na de oproep van Wilders destijds op Twitter dat het oorlog is. De kerntaak van een politicus is als vertegenwoordiger van het volk zorg dragen ten behoeve van vrede. Dit doet hij niet. Wij zijn beter dan de daders en we moeten uitstijgen boven hun intolerantie en terrorisme die ze ons willen opdringen. Wederzijds respect en onderwijs dient men te gebruiken om te verenigen tegen extremisme. De autoriteiten zullen de daders opsporen en straffen. Vergeet niet dat één van de agenten die omgekomen een Moslim was.

Hoop

Nederland is een verdraagzame land, diversiteit van mensen en de religieuze vrijheid is er een bewijs van. Alle Nederlanders willen in vrede samenleven.

Aanslag op de pers en vrije meningsuiting

Uiteraard is het een aanslag op de pers en de vrije meningsuiting. Echter zijn er normen voor journalistieke fatsoen en de vrijheid van meningsuiting moet niet een rechtvaardiging worden om godsdiensten of profeten te bespotten. Absolute vrijheid bestaat niet, alle vrijheden gaan gepaard met verantwoordelijkheid. Alleen dan zal vrijheid de samenleving verbinden.

De Koran

Ik heb de Koran objectief bestudeert en er zijn méér dan 200 verzen die medeleven promoten. Het doden van één persoon is alsof u de hele mensheid hebt gedood (5:33). De Koran schrijft ook geen enkele straf voor godslastering voor, het garandeert de vrije meningsuiting en de vrijheid van keuze. Nederlanders hoeven niet te vrezen voor de Koran. De Heilige Profeet (vrede zij met hem) heeft expliciet gezegd dat de medemens veilig moet zijn voor de woorden en de handen van een Moslim.

De profeets eer wreken

Wanneer de Profeet’s eer is aangetast, is het een taak voor de Moslims bezwaren weg te nemen, door te vertellen over zijn vredelievende karakter, en een goed voorbeeld te geven. Politici dienen de Islam niet te gebruiken om stemmen te winnen. Het is ook van belang om Moslimgeleerden van tijd tot tijd uit te nodigen en de onjuiste interpretatie van de doodstraf voor godslastering en afvalligheid onder de aandacht te brengen. Doodstraf voor godslastering en afvalligheid maakt geen deel uit van de leer van de Heilige Koran. Sommige landen hebben deze visie zelfs in de wet geïmplementeerd, als gevolg hiervan worden minderheden en andersdenkenden onterecht beschuldigd van godslastering of afvalligheid. Zo riskeren zij de doodstraf. Dialoog is dus van belang.

Youssef

Brandstichting Moskeeën – Nederland is bezorgd.

0

Brandstichting Moskeeën – Nederland is bezorgd

Drie keer is geprobeerd om Moskeeën in Zweden in brand te steken. Toen hier een bericht over werd geplaatst op de Facebook-pagina ‘Steun de PVV’, reageerden diverse mensen dat er in Nederland ook zoiets moet gebeuren. De meeste haatreacties zijn inmiddels wel verwijderd.

Volgens het ANP zei Marcouch wil dat het OM stappen gaat ondernemen zodat duidelijk wordt dat zulke achterlijke opmerkingen in Nederland niet worden getolereerd. “De moslimhaat neemt nog steeds toe.”

Niet alleen het OM, maar ook de politiek en de Moslims moeten actie ondernemen. Het is nu wel duidelijk dat de invloed van de PVV een negatieve uitwerking heeft op haar aanhangers en de veiligheid in de maatschappij ernstig verstoort.

De Heilige Koran (hoofdstuk5: vers3) meld, ‘En laat de vijandschap van een volk, omdat zij u de toegang tot de heilige Moskee verhinderen, u niet tot geweld aansporen. En helpt elkander in deugdzaamheid en vroomheid maar helpt elkander niet in zonde en overtreding.’ Hierin wordt een duidelijke signaal afgegeven aan de Moslims. Zij hebben ook een verantwoordelijkheid.

In de huidige klimaat is de meerderheid van het nieuws over de Islam extreem negatief door terroristische groepen. De oplossing is dat Moskeeën extremistische geweld vaker publiekelijk moeten veroordelen en zich meer actief moeten inzetten ten behoeve van vrede. Hierdoor zullen vele Nederlanders de Moskee associëren met vrede en niet met geweld en afschuw. Niet uitsluitend haat jegens de Islam speelt een rol, men is ook angstig en maakt zich zorgen. Zorgen door het terreur in het Midden-Oosten en het aantal extremisten dat sentimenten voelt voor ISIS. Het is niet de schuld van de Islam, ook niet van de Moskeeën. Maar als er een extremistische persoon bekend is in een Moskee, dan moet het bestuur of de Imam actie ondernemen, hen bijpraten of uit de Moskee zetten en aan de autoriteiten melden. Dit is geen verraad, maar juist een goede daad. Zodat iedere Moskeeganger of voorbijganger weet dat hij een veilige plek betreed.

Noemenswaardig is dat er in de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap niet één enkele geval is van een Syriëganger of iemand met extremistische tendenties. Indien iemand de wet overtreed of een inbreuk maakt op vrede, dan wordt diegene per direct uit de Gemeenschap verbannen, aldus Hazrat Mirza Masroor Ahmad, de leider en Vijfde Khalifa van de Ahmadiyya Moslim Gemeenschap. Wij staan garant dat er dan maatregelen volgen omdat wij absolute respect hebben voor het woord ‘Islam’ dat letterlijk vrede en veiligheid betekent. De ware beeld van de Islam wordt door de Gemeenschap gedemonstreerd.

 

Moskeeverbod: Islam neerzetten als ideologie is poging om grondwet te omzeilen

0

Moskeeverbod

Islam neerzetten als ideologie is poging om grondwet te omzeilen

6 DECEMBER 2014

Onlangs maakte Geert Wilders een ongrondwettig statement: dat alle moskeeën in Nederland moeten sluiten. Wilders riep ditmaal dat de islam een ideologie is en geen godsdienst.

Toen ik dit las ging er bij mij een belletje rinkelen: Wilders wil zijn statement legitimeren om moskeeën te sluiten. Hij wil de grondwet omzeilen door te zeggen dat de islam geen godsdienst is. Moslims kunnen zich daarom niet beroepen op de vrijheid van godsdienst. Zo hoeft Wilders de grondwet niet aan te passen, wat overigens een lastige procedure is.

Kennelijk heeft Wilders een cursus maatschappijleer nodig. Want zelfs mijn kleine neefje weet inmiddels dat een godsdienst het geloof in een God inhoudt, een belijdenis en de aanbidding van God. De islam kent een God, een belijdenis, een profeet en een heilig boek.

Dus hoezo geen geloof? Wilders zegt dat islam slechts een ideologie is, maar is dat ook zo? Een ideologie is een visie op de mens en manieren om een samenleving te veranderen. Het ene sluit het andere niet uit, in zekere zin is islam een godsdienst met een ideologie, maar geen ideologie zonder godsdienst.

Ik vind het toch noemenswaardig dat we in Nederland over de vrijheid beschikken om moskeeën te kunnen bouwen. Als moslims zijnde uiten wij hiervoor onze dankbaarheid.

Kortom: zolang een persoon geen strafrechtelijke feiten pleegt als onderdeel van zijn godsdienst, is hij vrij Allah te aanbidden en een moskee te bezoeken. Wilders’ verweer dat de islam geen geloof is niet rechtsgeldig en feitelijk onjuist.

Youssef Ikhlaf

Een versie van dit artikel verscheen op zaterdag 6 december 2014 in NRC Handelsblad.
Op dit artikel rust auteursrecht van NRC Handelsblad BV, respectievelijk van de oorspronkelijke auteur.