Herzien van interpretaties en niet de teksten van Islam

Herzien van interpretaties en niet de teksten van Islam

In het artikel, ‘de Islam zal nu echt moeten hervormen’ in de Trouw op 7 april 2017 beweert Dennis Honing ten ontrechte dat aanslagen te maken hebben met de teksten van de Islam.

We hebben de Koran meermalen doorgespit, objectief en in de context, en we hebben niets kunnen vinden waaruit blijkt dat IS handelingen op de Islam zijn gebaseerd.

Hoe kan men de ware leerstellingen van de Islam ontdekken zonder een objectief onderzoek te doen in de Koran en het leven van de Profeet? We moeten ons niet baseren op interpretaties of acties van sommige extreme moslims of sommige moslimlanden die de leerstellingen van de Heilige Koran niet toepassen.

Ook in fiqh is er sprake van meerderheid en minderheidsopinies, van historische- en contextafhankelijkheid, het is bovendien niet bindend of rechtsgeldig.

Een belangrijk probleem bij de bespreking van het begrip sharia is dat de islamitische wereld geen eenstemmig leergezag kent, waardoor er vele, soms sterk uiteenlopende versies van het begrip sharia bestaan. Interpretaties en toepassingen van de sharia zijn veranderd in de tijd en blijven vandaag de dag veranderen. Interpretaties zijn foutgevoelig en afhankelijk van het menselijk begrip geweest. Extremisten kunnen er ook misbruik van maken om geweld te promoten.

De aantijging dat Ka’b bin Ashraf gedood was omdat hij een islamkritische dichter was, is onjuist. Het is goed gedocumenteerd dat Ka’b bin Ashraf schuldig was van een overtreding van het verdrag dat hij zelf had ondertekend, het aanzetten tot oorlog, opruiing, het gebruik van grof taalgebruik en samenzwering van moord. Saoedi-Arabië vertegenwoordigd de Islam niet, dat doen de Koran en de Profeet, slavernij werd juist door de Islam 1400 jaar geleden afgeschaft. Islam is een voorstander van de scheiding tussen kerk en staat, het erkent dat rechtvaardigheid en niet religie de beslissende factor zijn bij het besturen van een samenleving (4:59). Islam onderwijst dat ieder mens het recht heeft op een vrije meningsuiting en religieuze vrijheid, doodstraf voor afvalligheid wordt verworpen (2:257).

Vrouwenbesnijdenis komt niet voor in de Koran, noch in de auhtentieke overleveringen van de Profeet.

Al deze zaken worden juist veroordeeld omdat de teksten het veroordelen. Het zijn de interpretaties van extremistische Imams die herzien en hervormd moeten worden. En daarvoor is het belangrijk om vrijdagpreken in moskeeën te monitoren en jongeren op school een eed van loyaliteit te doen afleggen voor het land.