Reactie op betogen van David Suurland en Frits Bolkestein

DE NACHTEGAAL

LR

RELIGIE VAN VREDE, DE ISLAM

– Ahmadiyya Moslim Schrijversgilde –

Dit is een reactie op het artikel De Kleren van de Keizer van David Suurland (verschenen in het juninummer van Liberaal Reveil dit jaar). In dit artikel ontkracht het Ahmadiyya Moslim Schrijversgilde dat het jihadisme een wezenlijk onderdeel is van de Islam.

In het huidige politieke debat over de relatie tussen de Islam en politiek geweld vallen islamcritici, politici en moslimgeleerden over elkaar heen. Het ene geluid verklaart dat jihadisten de Islam, die in wezen vreedzaam is, misbruiken. Het andere geluid verklaart dat het jihadisme wel degelijk een basis heeft in de Islam. David Suurland opende dit debat onlangs door een artikel dat hij schreef in het Liberaal Reveil (Juni 2015 ‘De kleren van de keizer: Islam en de religieuze fundering van politiek geweld’). Hij betoogt dat het jihadisme een wezenlijk onderdeel is van de Islam.

Het is de traditie van de oriëntalisten om fragmenten te publiceren uit de commentaren van de moslims, en dan de Islam in diskrediet te brengen en het tegenstand verder aan te wakkeren met behulp van deze fragmenten. David Suurland baseert zich vooral op een selectieve lezing van islamitische bronnen uit de middeleeuwen. Dit zien we veelvuldig terug in het actuele debat over de Islam. Als we de relatie tussen terrorisme en Islam willen analyseren, moeten we dan echt te raden gaan bij theologische interpretaties van middeleeuwse geleerden en hun huidige epigonen? We kunnen toch ook niet zeggen dat het Christendom inherent een gewelddadige religie is, omdat we dat kunnen terugvinden in de middeleeuwse encyclieken?

Het Arabische woord ‘jihad’ wordt overigens vrij vertaald als ‘heilige oorlog’ en in één adem genoemd met terrorisme. Dit is onjuist. In de Islam is een oorlog niet heilig, maar defensief. Oorlog betekent ‘al-harb’ en niet jihad. Jihad betekent ‘streven’. Nergens in de Koran wordt het woord Jihad in verband gebracht met geweld.

David Suurland meent dat een gewelddadige opvatting, een ideologie van een meerderheid, zondermeer bewijst dat dit een grondslag heeft in de religieuze bronnen. Moslims in de Palestijnse gebieden, Egypte, Jordanië of Pakistan vinden dat het

verlaten van de Islam met de dood moet worden bestraft en dat overspelige personen gestenigd moeten worden. Ontbreekt het meneer Suurland aan historische kennis of aan inzicht door zijn vooringenomenheid? De kruisvaarders, de westerse Christenen, vertrokken met grote legers richting het Oosten en Jeruzalem onder het bevel van de Paus uit landen zoals Duitsland, Frankrijk en Italië. In naam van het Christendom stond een meerderheid van de Christenen destijds achter deze gewelddadige tochten. Moeten we er nu ook vanuit gaan dat de Bijbel tot extremisme en terrorisme aanzet?

In de huidige tijd gebruiken verschillende actoren geweld om politieke doelen te bereiken; het Christelijke Lord’s Resistance Army in Uganda, de Christelijke moordbenden in de Centraal-Afrikaanse Republiek, de Ku Klux Clan in Amerika, de IRA in Ierland en de ETA in Spanje. Waarom spreekt David Suurland in dit kader niet van christelijke terrorisme dat haar oorsprong heeft in de Bijbel? Meerderheidsmeningen vaststellen en zeggen dat deze impliceren dat religie schuldig is, is een onwetenschappelijke manier van redeneren.

David Suurland betoogt dat we niet naar de mening van onislamitische, westerse politici moeten kijken, maar naar de mening van die Schriftgeleerden en exegeten die een wezenlijke bijdrage hebben geleverd aan de vorming van wat wij nu islamitisch recht noemen: de oelama. Wat hij niet begrijpt is dat de Shari’a een totaal van meningen is waarin uiteindelijk meerderheidsstandpunten gevormd worden. Om de Islam op de juiste manier te beoordelen moeten wij naar de Koran kijken en het leven van de profeet Mohammed.

David Suurland maakt een analogie die elke grond mist. De Koran is wel degelijk een nieuwe godsdienst die alle profeten eert. Joodse profeten en Jezus worden moslims genoemd in de betekenis dat zij God gehoorzamen. De goddelijke oorsprong van

het Jodendom en Christendom wordt in de Koran juist bevestigd. In de Koran worden de menselijke fouten die later in de godsdiensten zijn gekropen gecorrigeerd. De respectievelijke godsdiensten zelf worden erkend. De Islam is een voortzetting van de evolutie van de godsdienst met een volmaakte leer voor alle tijden. Vanuit dat perspectief moet men tahreef en islah bezien.

Het ridiculiseren van de Koran en Mohammed middels cartoons wordt inderdaad als extreem pijnlijk ervaren. De Ahmadiyya Moslim Gemeenschap heeft nooit gepleit voor een restrictie van de vrije meningsuiting of bedreigingen te vergoelijken of spot te beantwoorden met gewelddadigheden. Indien wij van vrede houden dan zouden wij de vrijheid van meningsuiting niet moeten misbruiken om miljoenen moslims te kwetsen.

David Suurland baseert zich opnieuw op de shari’ah om zijn geliefde standpunt te bekrachtigen dat de Islam het vreedzaam samenleven met joden en christenen afhankelijk maakt van de eis dat zij hun religie niet in het openbaar mogen praktiseren, geen kerken of synagogen mogen bouwen of restaureren, moslims niet mogen proberen te bekeren tot hun religie en zij geen kritiek mogen uiten op de Islam. Die suprematie gedachten komen niet voort uit de Koran en de Sunnah d.w.z. het leven van de Profeet, maar van sommige moslimleiders die de ware leerstellingen van de Islam zijn vergeten. In de Koran staat juist: ‘En indien Allah sommige mensen niet met behulp van anderen tegenhield, zouden ongetwijfeld kloosters, kerken, synagogen en moskeeën, waarin dikwijls de naam van Allah wordt herdacht, afgebroken zijn’ (22:40-42).

Volgens David Suurland heeft Profeet Mohammed zelf opdracht gegeven om mensen te vermoorden die hem hadden beledigd of toestond dat anderen hen vermoordden. Hij vindt daarom dat de aanslagen op Charlie Hebdo wel iets te maken hebben met de Islam. Dit is onjuist. Noch de Koran noch de Profeet Mohammed geven hiervoor het bevel. De Profeet liet bijvoorbeeld niet toe dat Abdullah bin Salul die hem had beledigd werd gedood.1 De Koran meldt expliciet en structureel dat er geen straf is op het beledigen (4:141, 6:69).

Dat de heilige oorlog geciteerd wordt als ‘een verplichting’ zegt niks over of, en waarom, men oorlog zou voeren. Zowel de Hanafi als de Maliki rechtsschool vinden dat iedere niet-moslim gemeenschap rechten heeft en beschermd moet worden in een moslimstaat, ook al zijn het polytheïsten of atheïsten. Alle rechtsscholen hebben echter een identiek basisstandpunt met betrekking tot oorlogs-

ethiek: er mogen geen kinderen, vrouwen, zieken, geestelijken, ouderen en niet-vechters gedood worden. Er mogen geen oogsten, huizen en gebedshuizen worden vernietigd. Er mag ook geen dwang tot bekering zijn. Deze oorlogsethiek was een van de weinige thema’s waar men binnen de vier rechtsscholen consensus over had.2

David Suurland meent dat de positie van Dhimmi’s (niet-moslims die onder het gezag van Moslims leven) eentje is van onderworpenheid en institutionele discriminatie. Dat ze in beginsel slechts de keuze hebben tussen bekeren of de dood. Hij citeert hiervoor vers 9:29 van de Koran: ‘Bestrijdt diegenen onder de mensen van het Boek, die in Allah noch in de laatste Dag geloven, noch voor onwettig houden wat Allah en Zijn boodschapper voor onwettig hebben verklaard, noch de ware godsdienst belijden totdat zij de belasting (jizyah) met eigen hand betalen, terwijl zij onderdanig zijn.’ Het ontbreekt hem aan kennis, dit vers werd in een bepaalde historische context geopenbaard. Het verwijst naar de mensen van het boek die in Arabië leefden en de Islam met man en macht probeerden uit te roeien. Moslims werden opgroepen om deze vijandigheid te bestrijden totdat een vreedzaam samenleving werd hersteld. De jizyah was een belasting die ze betaalden in ruil voor bescherming, zij waren ook gevrijwaard van een militaire dienstplicht. De Moslims moesten een zwaardere belasting betalen; de Zakat. Er staat ook: ‘(…) totdat zij de belasting met eigen hand b talen (…)’ Dit geeft zondermeer aan dat zij de belasting niet gedwongen betaalden.

David Suurland heeft zijn onderzoek niet goed uitgevoerd. Een meerderheid van Moslimgeleerden beschouwt het vers als een Medinese vers dat niet vervangen is door een andere vers, inclusief de exegeet Ibn Kathir (Tafsir al-Qur’an al-’Adhim pp.551- 552). Het vers is een universele verklaring van religieuze tolerantie en niet geopenbaard voor een specifieke doelgroep in een specifieke context. Het bewijs hiervoor is dat de Koran structureel religieuze tolerantie benadrukt (88:22-23, 42:49, 16:126,

23:97, 103: 2-4).

Het incident dat David Suurland tevens citeert (Sahih Bukhari 1:2:25) waarin hij concludeert dat de Profeet met dwang bekeerde is ook onjuist. De primaire bronnen van de Islam zijn de Koran en de Sunnah. Hadith zijn minstens twee eeuwen later opgeschreven,3 alle Hadith die in tegen strijd zijn met de Koran en de Sunnah zijn onbetrouwbaar en niet de woorden van de Profeet zelf. De Koran verwerpt stelselmatig alle vormen van geweld en alle soorten van extremistische uitspraken, ongeacht of Yusuf al-Qardawi dat zegt. De meerderheid van moslimburgers zijn tegen extremisme en tegen extremistische uitspraken van geleerden.

David Suurland wil duidelijk maken hoe de rechtsscholen denken over het concept Jihad en benoemt dan verschillende overleveringen maar hij benoemt geen enkele keer een vers van de Heilige Koran. In de Islam is de Heilige Koran het goddelijke woord oftewel de bron.Het is bewaard gebleven in zijn oorspronkelijke vorm zoals de geschiedenis getuigt.4 De Heilige Koran, Sunnah en de Hadith worden beschouwd als primaire bronnen maar in volgorde van waarde is de Heilige Koran het hoogste in rank.5 Het zou dan ook meer dan passend zijn als we het Jihad concept eerst bekijken vanuit de perceptie van de Heilige koran. Geen concept uit de Islam is zo verkeerd begrepen als Jihad. Het woord roept in het Westen schrikbeelden op van barbaars geweld en voedt een afwijzende houding tegenover de Islam. Ik wil mij graag houden tot wat de Heilige Koran en de Sunnah zegt over Jihad. Daaruit zal blijken dat er verschillende vormen van Jihad bestaan, en dat Jihad beoefend kan worden met verschillende middelen. Ook zal blijken hoe ver dat schrikbeeld verwijderd is van de werkelijkheid. Laten we eerst een kijkje nemen op wat de Heilige Koran zegt over het concept Jihad?

De Heilige Koran leert ons dat wanneer er een oorlog uitbreekt dat deze dan gestreden moet worden op een dusdanige wijze dat er zo min mogelijk slachtoffers vallen en dat er zo min mogelijk schade wordt toegebracht aan eigendommen en dat de vijandelijkheden zo snel mogelijk tot een einde komen.

In de Heilige Koran lezen we het volgende :

22:40: Toestemming om te vechten is gegeven aan degenen tegen wie gevochten wordt, omdat hun onrecht is aangedaan, voorzeker Allah heeft de macht hen bij te staan.

22:41: Degenen die ten onrechte uit hun huizen werden verdreven alleen omdat zij zeiden: Onze heer is Allah. En indien Allah sommige mensen niet met behulp van anderen tegenhield, zouden ongetwijfeld kloosters, kerken, synagogen en moskeeën, waarin dikwijls de naam van Allah wordt herdacht, afgebroken zijn. Allah zal ongetwijfeld degene ondersteunen die hem helpt. Allah is inderdaad Sterk, Almachtig.

60:9: Allah verbiedt u niet, degenen, die niet tegen u om de godsdienst hebben gevochten, noch u uit uw huizen hebben verdreven, goed te doen en rechtvaardig te behandelen. Voorzeker, Allah heeft de rechtvaardigen lief.

60:10: Maar Allah verbiedt u vriendschap te betonen aan degenen, die tegen u gevochten hebben om de godsdienst, en die u uit uw huizen hebben verdreven of geholpen hebben u te verdrijven. En wie hun ook vriendschap aanbiedt, dezen zijn de boosdoeners.

61:11: O gij die gelooft, zal ik u inlichten over een handel die u zal redden van een pijnlijke straf.

61:12: Dat gij in Allah en zijn boodschapper gelooft en voor de zaak van Allah met uw bezit en uw persoon strijdt. Dat is beter voor u als gij het weet.

Uit deze verzen kunnen we opmaken dat de Jihad met de ‘zwaard’ alleen mag worden toegepast als zelfverdediging. De islam verbiedt het om een offensieve Jihad te voeren. De Heilige Koran geeft ook heel duidelijk aan dat als de moslims niet zouden strijden ter zelfverdediging de vijanden behalve moskeeën ook kloosters, kerken en synagogen zouden vernietigen. De islam komt dus op voor alle religies en is een voorstander voor de vrijheid van godsdienst.

Het woord Jihad betekent: streven, zich inspannen, hard werken, om een doel te bereiken.6

In Islamitische religieuze context, wordt het begrip Jihad gebruikt om uitdrukking te geven aan elke inspanning die men doet om God te behagen en om Gods zaak vooruit te helpen. Het is Jihad goede werken te doen, het beste te kiezen tussen twee alternatieven, respect te hebben voor ouderlingen, zich in te zetten voor het uitbouwen van een rechtvaardige maatschappij, met zorg om te gaan met dieren, zich te gedragen in overeenstemming met Koranische waarden zoals geduld, minzaamheid, verdraagzaamheid, tolerantie en zelfbeheersing. Wordt een moslimstaat aangevallen, dan schrijft de Koran voor dat wanneer aan een aantal voorwaarden voldaan is, de beste inspanning erin bestaat zich gewapenderhand te verweren tegen de agressor. Ook dat is dan Jihad. Jihad is duidelijk geen synoniem voor ‘oorlog’. Het is een zeer ruim begrip dat slaat op alle inspanningen die men doet om God te dienen volgens wat de Koran voorschrijft als gepaste (re-)actie in de omstandigheid waarin men zich bevindt. In uitzonderlijke gevallen, kan dat een oorlog zijn, in andere omstandigheden kan het juist slaan op een verbod van het gebruik van geweld. In veel gevallen, heeft het niets met gewapende strijd te maken vermits de meeste omstandigheden van het leven geen gewapend antwoord vereisen noch toelaten, maar bijvoorbeeld vragen om geduld, tolerantie of hulpvaardigheid.

Jihad – een zich inspannen om te doen wat God

wil – is onlosmakelijk verbonden met het geloof. Jihad is immers de aanbidding van God omgezet in woord en daad.7 In die zin is het de ultieme vorm van verering van God. Geloof alleen volstaat niet, men moet ook leven volgens het geloof. In Islam draait alles om ‘taqwa’: godvruchtigheid én goede daden. Geloof en handelen zijn onlosmakelijk met elkaar verwerven. Het volstaat bijvoorbeeld niet te geloven dat men tolerant moet zijn, met moet zich ook daadwerkelijk inspannen (jihad beoefenen) om het eigen karakter om te vormen tot verdraagzaamheid en om de samenleving toleranter te maken. Jihad is het dagelijks in praktijk brengen van alles wat het geloof voorschrijft.

Op grond van de omstandigheden waarin en het doel waarvoor men jihad beoefent, worden een aantal verschillende vormen van Jihad onderscheiden die ook met verschillende middelen beoefend worden. De soorten Jihad worden hierna besproken.

Jihad an-Nafs: de strijd tegen je ego

Vooreerst is er een persoonlijke, psychologische en morele Jihad met als doel een beter mens te worden. Het woord Islam betekent zich onderwerpen (aan God), of moslim is een persoon die zich onderwerpt aan God. De heilige profeet Mohamed verwees herhaaldelijk naar deze uitdrukking van geloof:

Een Mujahid (hij die jihad beoefent) is diegene die streeft tegen zijn eigen ik om God te gehoorzamen (Sahih Ibn Hibbanm, No. 4862)

Ibn Umar rapporteerde dat de Profeet zei: ‘Jihad tegen iemands zelf voor de zaak van God is de beste Jihad’ (at-Tabaraani)

Voor diegenen die een zulk Jihad beoefenen, stelt de Koran het Paradijs in het vooruitzicht:

79:41-42: Doch voor hem die vreesde voor zijn heer te staan, en die zijn ziel van begeerten onthield, zal het paradijs zeker zijn verblijf zijn.

Jihad-e-Kabeer of Jihad van de Pen

De Beloofde Messias en Imam Mahdi (a.s.) zegt verder: ‘Nu is het de Jihad met de Pen die moet worden gevoerd… het is met de pen dat de Islam wordt aangevallen. Daarom is het noodzakelijk dat de Pen moet worden gebruikt om de aanvallen te weerleggen. De Almachtige zegt in de Heilige Koran, dat u zich verdedigt met het wapen dat de vijand tegen u gebruikt. Kijk dan wat de tegenstanders van de Islam voor ons in petto hebben. Ze brengen geen legers tegen ons in stelling. Ze verspreiden boeken en geschriften. Dan moeten wij ook de pen ter hand nemen, en hun aanval beantwoorden middels boeken en geschriften. Het middel moet niet erger zijn

dan de kwaal. Als het medicijn niet in overeenstemming is met de ziekte, dan zal die behandeling niet baten, maar schaden’ (Hadhrat Mirza Ghulam Ahmad (a.s.), Malfoozat Vol. 8, pagina 20).8

Verder zegt de Beloofde Messias en Imam Mahdi (a.s.) in Noorul Haq9: ‘In deze tijd vindt jihad plaats in geestelijke zin. De jihad van deze tijd is dat we moeten strijden om de Islam te verspreiden door antwoord te geven op de bezwaren van de tegenstanders, de schoonheid van Islam te verspreiden over de wereld en de waarachtigheid van de Heilige Profeet Mohammad (s.a.w.) te laten zien. Dit is jihad. Totdat God een andere manier toont’.

Velen nemen de pen, maar slechts weinigen zijn begunstigd met de geest om de Jihad te voeren in de meest aanvaardbare manier. Vele wensen de pen op te pakken maar hun onjuiste overtuigingen en gebrek aan kennis voorkomt dat ze dat doen en daarom vallen ze vaak terug in hun oude staat. Maar, het is de Ahmadiyya beweging die nooit is gestopt met deze grote strijd sinds haar oprichting, ze zijn vastbesloten met betrekking tot dit intellectuele proces dat ruim een eeuw geleden werd gestart door Hazrat Mirza Ghulam Ahmad van Qadian, de Beloofde Messias en Mahdi in de islam. Hij heeft juist opgelost hoe men om hoort te gaan met deze bronnen. De Koran is altijd leidend. Aan de hand van de Koran wordt een Hadith beoordeelt. De Hadith zelf heeft twee belangrijke manieren om beoordeelt te worden:10

Riwayat (studie van iedere overleveraar) Dirayat ( interne boodschap van de Hadith) De koran zegt:

6:22 En wie is onrechtvaardiger dan hij, die een leugen tegen Allah uitdenkt of zijn tekenen verloochent? Voorzeker, de onrechtvaardigen zullen niet slagen.

Jihad al-Asghar of kleine jihad gewapende strijd tegen aanval of bezetting

Tot dusver zijn vreedzame vormen van Jihad besproken. In sommige gevallen kan het voorkomen om naar de wapens te grijpen. Dit is dan de ‘jihad al-asghar’ – een kleine jihad, in tegenstelling tot de jihad tegen het ego (jihad an-nafs) Daarbij wordt vaak naar volgende hadith verwezen:

Een groep moslimsoldaten kwam bij de Heilige Profeet (van een veldslag). Hij zei: ‘welkom, jullie keren terug van de kleine Jihad naar de grote Jihad’. Er werd gezegd: ‘wat is de grote Jihad’? Hij antwoordde: ‘het streven van een dienaar tegen zijn lage verlangens.’ (Al-Tasharraf, Part I, p. 70)

Islam staat geen offensieve oorlog toe. Enkel

wanneer moslims aangevallen worden, en wanneer alle andere mogelijkheden om de aanval af te slaan zoals het opstarten van vredesonderhandelingen op niets uitdraaien, mag men zich gewapende wijze verzetten – en dan nog gelden zeer strikte regels. Geweld is de allerlaatste optie.

Het volgende vers uit de Heilige Koran legt uit wanneer fysiek vechten is toegestaan.

22:40-41: toestemming om te vechten is gegeven aan degenen tegen wie gevochten wordt, omdat hun onrecht is aangedaan, voorzeker Allah heeft de macht hen bij te staan. Degenen die ten onrechte uit hun huizen werden verdreven alleen omdat zij zeiden: Onze heer is Allah. En indien Allah sommige mensen niet met behulp van anderen tegenhield, zouden ongetwijfeld kloosters, kerken, synagogen en moskeeën, waarin dikwijls de naam van Allah wordt herdacht, afgebroken zijn. Allah zal ongetwijfeld degene ondersteunen die hem helpt. Allah is inderdaad Sterk, Almachtig.

Dit vers geeft aan wanneer gewapend verzet mogelijk is:

De vijandigheden moeten door anderen gestart worden tegen de gelovige moslims. Enkel moslims die ‘bestreden worden’, mogen zich verzetten. Het gaat dus om een defensieve oorlog, niet om een offensief. Wat hierbij betracht wordt is het beschermen van de rechtvaardige gematigde gemeenschap waarvan eerder al sprake was.

Er moet de moslims onrecht aangedaan zijn. Hierbij wordt expliciet het onrechtmatig verdrijven uit woningen vermeld.

Het doel van de agressor moet de destructie van de Islam en de moslims zijn. Het vers verwijst naar godsdienstvervolging, waarbij moslims enkel vervolgd worden omdat zij zeggen dat ze in God geloven.

Een oorlog is dus enkel toegestaan als verdediging tegen het onrecht dat veroorzaakt is door een aanval of bezetting, verdrukking of godsdienstvervolging. Daarbuiten, is gewapend verzet niet gelegitimeerd.

Conclusie

Terrorisme is geen nieuw verschijnsel, maar van alle tijden. Het is een instrument dat door groepen van uiteenlopende aard wordt gebruikt om angst te zaaien, het maatschappelijke leven te ontwrichten en de politieke stabiliteit te ondermijnen. Dit alles om de gewenste politieke en maatschappelijke veranderingen af te dwingen.

De gijzelingen, kapingen, bomaanslagen, liquidaties, bedreigingen die plaatsvonden tussen de jaren zeventig en het eind van de vorige eeuw werden onder meer opgeëist door Molukkers, Koerden, de IRA, de ETA, de PLO, het Japanse Rode Leger, de Rode Jeugd, RaRa, en het dierenbevrijdingsfront. Maar vooral na 11 september 2001 is religie, lees islam, synoniem geworden voor terrorisme.

Tegelijkertijd valt niet te ontkennen dat er moslims zijn betrokken bij terroristische activiteiten en aanslagen plegen in de naam van de islam. Geen enkele moslim zal dat ontkennen. Bovendien zijn de moslims zelf het grootste slachtoffer van dat extremisme. Het is echter volstrekt onjuist om de islam hiervoor verantwoordelijk te stellen. Stellen we andere religies verantwoordelijk voor het kwaad dat in hun naam wordt gepleegd? Stellen we Wilders verantwoordelijk voor hetgeen Anders Breivik heeft gedaan? Stellen we de wetenschap verantwoordelijk voor wat massavernietigingswapens aanrichten? Om een metafoor te gebruiken: wie sturen we een boete voor een verkeersovertreding: de auto of de bestuurder? Kennelijk willen we maar niet begrijpen dat de mens zelf kwaadaardig is en alles gebruikt en misbruikt voor zijn eigen gewin.

In het gepolariseerde debat wordt voortdurend beweerd dat vooral moslims aanslagen plegen. Deze stelling is echter volstrekt onjuist.11 Hoogleraar Robert Pape van de Universiteit van Chicago en oprichter van Chicago Project on Security and Terrorism12 stelt dat de Tamil Tigers meer bloed aan hun handen hebben dan de jihadisten. Andere onderzoeken laten zien dat er voornamelijk niet-religieuze gemotiveerde aanslagen worden gepleegd. Deze feiten krijgen zelden een plek in de mainstream media.

Ahsan Mahmud namens Moslim Schrijvers Gilde. Moslim Schrijvers Gilde is een afdeling binnen de Ahmadiyya Moslim Djamaat. De Ahmadiyya Moslim Djamaat heeft vestigingen in meer dan 200 landen. Haar motto is: Liefde voor iedereen, Haat voor niemand.

Noten:

  1. Hadhrat Mirza Tahir Ahmad, he Seal of Prophets. His Personality and Character, Text of a lecture delivered by the Head of the Ahmadiyya Muslim Jama’at on 15th October 1989 at Heathland School, Surrey UK, 2003 [1992], p. 34. https://www.alislam.org/library/books/Seal-of-Prophets.pdf.
  2. I. Jonathan A.C. Brown, Misquoting Muhammad: Me Challenge and Choices of Interpreting the Prophet’s Legacy, London, 2014, p. 186.
    1. Ahmad Yousif, “Islam, Minorities and Religious Freedom: A Challenge to Modern heory of Pluralism”, Journal of Muslim Minority Affairs, 2000, nr. 1, p. 35.
    2. Farhad Malekian, Principles of Islamic International Criminal Law, Leiden/Boston, p.69.
    3. https://en.wikipedia.org/wiki/Al-Baqara_256.
  3. I. https://nl.wikipedia.org/wiki/Hadith.
    1. https://www.alislam.org/books/religiousknowledge/sec1.html
  4. Z.H. Shah (z.j.), Promised Messiah and the Holy Quran. Geraadpleegd van https://www.alislam.org/quran/about-quran.php.
  5. M.G. Ahmad (z.j.), Me Essence of Islam. Geraadpleegd van https://www.alislam.org/books/essence/chap3/chap3.html.
  6. Ahmadiyya Muslim Community. (z.j.), Suspension of Jihad. Geraadpleegd van https://www.alislam.org/books/truth/jehad.html.
  7. Ibidem.
  8. Pen to fight pen. (z.j.). Geraadpleegd van https://www.alislam.org/library/malf051.htm.
  9. M.B. Ahmad, Me Life & Character of the Seal of Prophets. Tilford, Engeland, 2011.
  10. Hadiqatus-Salihin door Mufti Malik Saifur-Rahman, Qadiaan, India, 2003, p. 9. https://www.alislam.org/library/books/hadeeqa/hadeeqa.pdf.
  11. http://www.thedailybeast.com/articles/2015/01/14/are-all-terrorists-muslims-it-s-not-even-close.html
  12. http://news.uchicago.edu/article/2015/04/28/chicago-project-security-terrorism-creates-first-annual-report-suicide-terrorism.